Arbeidsrecht

Overgang van onderneming

Door de Europese (EG-richtlijn 2001/23) en Nederlandse regelgeving (artikel 7:662-666 BW) worden werknemers beschermd tegen de gevolgen van een overgang van het bedrijf waarin zij werkzaam zijn.

Artikel 7:663 BW bepaalt:

“Door de overgang van een onderneming gaan de rechten en verplichtingen die op dat tijdstip voor de werkgever in die onderneming voortvloeien uit een arbeidsovereenkomst tussen hem en een daar werkzame werknemer van rechtswege over op de nieuwe werkgever.”

Uitzonderingen

Dit geldt niet voor overheidsinstellingen of als de werkgever failliet gaat.

Behoud van de eigen identiteit

Er is sprake van een overgang als een economische eenheid met behoud van de eigen identiteit door een overeenkomst (verkoop, fusie of splitsing) wordt overgedragen. Een overdracht van aandelen of alleen de overname van een gebouw valt hier niet onder. Van overgang is in het algemeen sprake als de ondernemingsactiviteiten, zoals de naam van de organisatie, het klantenbestand, de vaste activa, het personeel, huurcontracten etc., worden overgenomen. Dit kan de hele onderneming of een vestiging of onderdeel betreffen.

Rechter kijkt naar feitelijke gang van zaken

Ook de feitelijke gang van zaken kan tot de conclusie leiden dat er wilsovereenstemming bestaat over de overgang van een onderneming, als maar duidelijk is dat de identiteit van de overgedragen onderneming is behouden. De rechter toets dit aan de hand van omstandigheden zoals:

  • de aard van de betrokken onderneming
  • het al dan niet overnemen van vrijwel het gehele personeel
  • het al dan niet overnemen van de klantenkring
  • het karakter van de activiteiten vóór en ná de overdracht
  • de duur van een eventuele onderbreking van de activiteiten
  • de partijen bij de overgang (oude werkgever en nieuwe werkgever)
  • de inhoud van de overeenkomst.

Rechten en verplichtingen uit de arbeidscontracten

Als vaststaat dat er sprake is van overgang van onderneming in de zin van artikel 7:662 e.v. BW, dan gaan de (rechtstreekse) rechten en verplichtingen uit de arbeidscontracten (zoals schriftelijke en mondelinge afspraken over salaris, bedongen arbeid, werktijden, concurrentiebeding, vakantiedagen, in beginsel ook die uit de cao) die op dat moment bij oude werkgever bestonden, over op de nieuwe werkgever. Ook de diensttijd die bij de overgegane onderneming gold blijft in stand. Dat geldt ook voor directeuren van een NV of BV. Het maakt hierbij niet uit of de nieuwe eigenaar op de hoogte was van de arbeidsovereenkomsten.

Wijziging arbeidsvoorwaarden

Wel kunnen na de overname de arbeidsvoorwaarden wijzigen: op de overgenomen werknemers blijft de oorspronkelijke CAO (van voor de overgang) van toepassing, totdat er een nieuwe CAO van kracht wordt die van toepassing is op de overgegane onderneming. Vanaf dat moment is die nieuwe CAO van toepassing op de overgenomen werknemers. De werknemers vallen vanaf het moment van de overname onder de pensioenregeling van de nieuwe eigenaar.

Aansprakelijkheid oude werkgever

De oude werkgever blijft, naast de nieuwe werkgever, tot een jaar na de overgang hoofdelijk aansprakelijk voor de verplichtingen die zijn ontstaan vóór het tijdstip van de overgang

Ontbindingsprocedure

Als er op het moment van de overgang een ontbindingsprocedure bij de kantonrechter loopt, dan moet de nieuwe werkgever als belanghebbende worden opgeroepen, zodat de procedure tussen de werknemer en de nieuwe werkgever kan worden gevoerd.

Een voor de oude werkgever bestaande plicht om een ontbindingsvergoeding of vergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag te betalen, gaat ook over op de nieuwe werkgever.

Werknemer weigert mee te gaan

Een werknemer is niet verplicht mee over te gaan. De Hoge Raad heeft in de arresten Boode/Hoheisel en Veenendaal/Van Vuuren weliswaar overwogen dat een werknemer niet verplicht kan worden mee te gaan naar de nieuwe verkrijger, maar dat in dat geval, vanwege de ondubbelzinnige weigering, de arbeidsovereenkomst per datum van de overgang van onderneming eindigt. Dat besluit heeft gevolgen voor de WW-uitkering. In de literatuur wordt de opvatting van de Hoge Raad bestreden, omdat de Nederlandse wet niet zou voorzien in een einde van rechtswege in geval van een overgang van onderneming, maar voorzichtigheid is hier geboden.